50 jaar geleden

Andre
indien men tenminste het bankroete erfdeel van zijn vader niets wil noemen. Nu kunnen wij verder veel overslaan, het staat in het spannende boek van Silvain Reiner, laat het genoeg zijn dat de oorlog van 1914- 1918 voor hem een start is geweest. Na afloop van deze gebeurtenis „vond hij zichzelf terug" aan het hoofd van een niet onbelangrijke machinefabriek, die granaten en kogels had gemaakt en nu overbodig dreigde te worden. Ogenschijnlijk was de zaak verder eenvoudig: als je als productiebedrijf wilt blijven bestaan, moet je datgene produceren waaraan de wereld behoefte heeft. Laten wij nu eens aannemen dat het André ook Intussen stelt André zich aan als een clown, maakt grappen en doet idioot, doch blijkbaar heeft niemand begrepen dat deze man op geniale wijze zo enorm groot moet zijn geweest dat hij zich een dergelijke houding kon veroorloven. Intussen rollen 15 lange jaren achtereen de „klaverblaadjes" en 4 en 5 pk'tjes de fabrieken uit, och ja, er komen ook wel andere modellen, wij hebben ze gekend, de B 14, de „familiale", de eerste personenwagendiesel, die veelal voor taxidoeleinden werd gebruikt totdat .... in 1934 André Citroën een geheel andere wagen lanceert Nu is de tragedie van André Citroën weer zo dat de wereld hem niet heeft begrepen

André Citroën, een ongekend
groot en onbegrepen genie

Nu de vorige week de couranten de mededeling (plus foto) vermeldden van het feit dat her „oude" model van de zo overbekende „Citroën 11" niet meer geproduceerd zal worden, mogen en moeten wij toch wel even de gedachten laten gaan over de bijzonder eigenaardige en gecompliceerde levensloop van de oorspronkelijke grondlegger van de machtige Citroënorganisatie, André Citroën zelf. Deze man heeft zijn gehele leven met de moeilijkheid te kampen gehad dat hij achteraf gesproken genialer is gebleken dan zijn tijdgenoten van hem konden verwachten. Hij werd geboren op 5 Februari 1878 in de Rue Laffitte, de „diamantenwijk" van Parijs. Zijn vader was afkomstig uit Holland en er zullen zeker lezers zijn die zich deze naam, doch dan ietwat veranderd, namelijk zonder leesteken op de e, zullen herinneren als firmanaam van een bekend Amsterdams juweliersbedrijf. Hoe men nu van de juwelen in de auto's komt is natuurlijk niet zo eenvoudig te beschrijven. Wie het precies wil weten kope het boek „La tragedie d'André Citroën", geschreven door de journalist Silvain Reiner, waarin, op treffende wijze, boeiend verteld staat beschreven hoe dit alles geschied is. Zoals met zovele grote mannen het geval is geweest, André is met niets begonnen;
opgevallen was welk een belangrijke taak de taxi's van Parijs verricht hadden in verband met de beroemde en beruchte slag aan de Marne en dat hij tot de conclusie gekomen zou zijn dat de wereld best eens behoefte zou hebben aan nog veel grotere kwantums van zulke vierwielige motorvoertuigen; ziet, dan is deze gedachtengang nog maar verschrikkelijk eenvoudig, althans ,In de brains" van André Citroën. Op dit moment was het al veel genialer dat hij zijn keuze liet vallen op een kleine goedkope auto of besloot deze te bouwen, een wagen die onder het bereik van de „gewone man" zou vallen, een echte „Volkswagen" dus, en hij bedacht dit in een tijd dat de auto als zodanig nog niet geheel en al zijn bruikbaarheid had bewezen, behalve dan misschien voor oorlogsdoeleinden. Enfin, om kort te gaan, na een prototype, de 10 pk, komen kort daarop de „Klaverblaadjes" de fabriek uit. terwijl desondanks dit wagentype tot op heden vrijwel onveranderd voortgebouwd zou worden. Indien u het zou wensen mag u van mij André als een volslagen idioot beschouwen om met een wagen te komen waarvan het complete motorische „unit" door middel van vier bouten, zulks inclusief de voorwielaandrijving, van de rest van de wagen kon worden losgemaakt en in enkele uren zou kunnen worden verwisseld voor een andere eenheid, inclusief de voorwielaandrijving, banden, stuurinrichting enz. Precies zoals men in de tijden van de postkoets paarden uitspande, zo wilde André zijn wagens uitvoeren. Dit was gebaseerd op de gedachte dat je zo'n hijgend „paard" moet kunnen uitspannen als dat noodzakelijk blijkt. Als we nu nog even voorbijgaan aan het feit dat in 1934 ook zijn financiele taken niet helemaal kloppen - doch voor een supergeniaal constructeur schijnt dat bijzaak te zijn, zodat hij enige betrekkelijk
Image3